Intro  Boek  Fragmenten  Recensies  Uitgaven  Extra's

Yra van Dijk, de Volkskrant, 27-11-1998
Raskin, die nooit een scherpe grens heeft willen trekken tussen journalistiek en literatuur, schreef deze stukjes – toespraken, reportages, krantenartikelen, radioverslagen – voor eerdere gelegenheden. Niet alleen dit "zelfportret", maar ook haar romans zijn een mengeling van autobiografie en documentatie.
Het is met de scheidslijnen daartussen als met de grens tussen Vlaanderen en Wallonië, waarop zij woont. Het gaat in beide gevallen om arbitraire "papieren grenzen": onzichtbaar, niet echt en vooral hinderlijk. Haar dochtertje neemt in Wallonië de bus naar haar Vlaamse kleuterschool, en als er een ongeval plaatsvindt op de grensweg, bakkeleien de agenten wie de papieren moet invullen. De ongelukkige tweedeling van België en de tweeslachtige positie ten opzichte van Nederland is een onderwerp waar Raskin regelmatig op terugkomt: onder de I van Identiteit bijvoorbeeld, bij de N van Nederland en de T van Taal. In haar stukken is zij op zoek naar de genuanceerde positie waarin ze wereldburger kan zijn zonder haar gevoel van Vlaamse eigenheid te verliezen.
Zo balanceert ze in al haar stukken tussen het algemene en het particuliere. Ze schrijft over koning Boudewijn, maar ook over de rijstepap van haar kinderen, over de euthanasie-wetgeving en tegelijk over haar stervende vader, over Moskou maar net zo lief over Zeeland. Van persoonlijk naar publiek en terug, dat is de beweging die dit prachtig vormgegeven Eigenzinnig alfabet kenmerkt.